Bereidingswijze
Breng een grote pan met water aan de kook en voeg een snufje zout toe.
Kook de spaghettis al dente volgens de aanwijzingen op de verpakking. Bewaar 120 ml van het kookwater voordat je de pasta afgiet.
Bak de lardons in een droge koekenpan 5–6 minuten tot ze goudbruin zijn. Zet het vuur uit en laat het vet in de pan.
Maak de carbonarasaus: klop 2 eieren met de geraspte Parmezaan en veel peper tot een dikke crème.
Bak het extra ei als een spiegelei 1–2 minuten zodat de dooier vloeibaar blijft, en zet apart.
Voeg de uitgelekte pasta toe aan de pan met lardons (zonder warmte) en meng goed zodat de pasta het vet opneemt.
Giet de saus van eieren en kaas over de pasta en meng krachtig 30–45 seconden. Voeg beetje bij beetje kookwater toe tot een glanzende, romige saus ontstaat.
Proef en breng op smaak met peper en eventueel extra Parmezaan. Het zout komt voornamelijk van de lardons en kaas.
Serveer op borden en leg het zachtgekookte ei bovenop elke portie.
Garneer met een beetje gehakte peterselie als gewenst en serveer direct.
Tips:
Houd de sauskom dichtbij de pan: zodra de pasta klaar is, kan je snel mengen zodat de saus perfect wordt.
Vervang Parmezaan door Pecorino voor een krachtigere smaak.
Om te voorkomen dat de eieren gaan stollen, meng de saus altijd van het vuur af en gebruik het hete kookwater om de saus te verdunnen.
