Kip voorbereiden:
Snijd de kip in reepjes, bestrooi met zout en peper en zet even apart.
Verhit de olijfolie of boter in een ruime pan op middelhoog vuur.
Spek en kip bakken:
Voeg de spekblokjes toe aan de pan en bak ze krokant.
Haal ze eruit en leg op keukenpapier.
Bak vervolgens de kip in hetzelfde vet goudbruin aan alle kanten (ongeveer 5 minuten).
Haal ook de kip uit de pan en houd warm.
Ui en champignons:
Voeg de ui toe aan de pan en fruit tot hij glazig is.
Voeg daarna de champignons toe en bak ze tot ze hun vocht hebben losgelaten en lichtbruin zijn.
Voeg de knoflook toe en bak kort mee.
Saus maken:
Giet de bouillon of witte wijn in de pan en roer de aanbaksels los van de bodem.
Voeg de mosterd toe en roer goed door.
Giet de room erbij en laat zachtjes pruttelen tot de saus indikt (ongeveer 5–7 minuten).
Alles samenvoegen:
Voeg de kip en het spek weer toe aan de pan.
Meng alles goed door elkaar en laat nog 5 minuten zachtjes sudderen zodat de smaken zich vermengen.
Proef en breng eventueel op smaak met extra zout, peper of mosterd.
Serveren:
Bestrooi met verse tijm of peterselie en serveer direct.
Heerlijk met aardappelpuree, tagliatelle of vers knapperig brood om in de saus te dippen.
Serveer- en bewaartips:
Dit gerecht smaakt het best vers, maar kan ook perfect van tevoren worden bereid.
Bewaar restjes tot 2 dagen in de koelkast en warm zachtjes op in een pan met een scheutje room of bouillon.
De saus wordt na een dag zelfs nog intenser van smaak.
Variaties:
LEES VERDER OP DE VOLGENDE PAGINA
